Dat kreeg staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei deze week te horen van de Stichting Bescherming Historisch Harlingen (SBHH).
De SBHH werkte de afgelopen 10 jaar samen met Frisia Zout, gemeente en provincie, met als doel de zoutwinning veilig en verantwoord te laten verlopen. Met Jarig Langhout als voorman werden in 2019 allerlei afspraken vastgelegd in een Samenwerkingsovereenkomst. Die afspraken nam de staatssecretaris echter niet over in zijn besluit de zoutwinner groen licht te geven.
Afspraken
De SBHH stelt: “Er zijn afspraken gemaakt met Frisia, met handtekeningen en al. Die zou het rijk moeten overnemen. Verder kan de stad nu al te maken krijgen met 2 cm bodemdaling. Het nieuwe besluit geeft toestemming die grens nog eens te overschrijden. Terwijl het Staatstoezicht op de Mijnen er nota bene op aandringt ruim bínnen de grens te blijven.” De stichting vreest voor bodemdaling en scheefstand, na-ijlende bodemdaling op langere termijn en vernatting en verslapping van de bodem.
"Mijnbouw is bovendien met onzekerheden omgeven, zegt de Onderzoeksraad voor de Veiligheid. Frisia sluit ook niet uit dat de bodemdalingskom nog wel een kleine 10% groter kan worden. Wat gaat die optelsom van daling en onzekerheden voor Harlingen betekenen? Wij zeggen: met zo'n kwetsbare, monumentale stad moet je geen risico's nemen."
Het irriteert
Het steekt de stichting dat er, na 10 jaar constructief overleg, in het besluit niets is geregeld voor de stad Harlingen. De staatssecretaris heeft beloofd de SBHH uit te nodigen voor een nader gesprek, om de bezwaren van de stichting uitgebreider te kunnen bespreken.








