De orgelpartijen en begeleiding worden verzorgd door David de Jong en Ulbe Tjallingii (organisten). De verbindende teksten, deels actueel en deels uit de Harlinger geschiedenis, door Teunard van der Linden (gastheer) en Inge Laanen. Bij het bevrijdingsconcert steken we de loftrompet en denken we aan wie vandaag uitzien naar vrijheid, vrede en recht. Vertrouwde vaderlandsliederen blijken dan verrassend actueel.
Van harte welkom namens de Werkgemeenschap van Kerken.
De toegang is vrij. Bij de uitgang is er een schaalcollecte.
Programma
- Franz Schmidt (1874-1939) - Praeludium und Fuge D-Dur (,,Halleluja‘‘)
- Massimo Nosetti (1960-2013) - Elegy on an American Folk Tune (Shenandoah)
- Aansteken van de vredeskaars met vredestekst, gevolgd door orgelintroductie en samenzang uit Valerius’ Gedenckclanck 1626, ‘Gelukkig is het land’
Gelukkig is het land,
dat God den Heer beschermt,
als daar met moord en brand,
de vijand rondom zwermt.
En dat men meent hij zal
’t schier overwinnen al.
Dat dan, dat dan, dat dan
Hij zelf komt tot den val.
- Bijdrage Teunard
- Jacob Bijster (1902 - 1958) - Fantasie over 'Komt nu met zang'
- Sergej Rachmaninov (1873-1943) – Prélude Op. 23, nr. 11
- Actuele vredestekst (Inge)
- Toelichting en samenzang volkslied ‘Wilhelmus van Nassauen’ vers 1 en 6
- C. Hubert H. Parry (1848-1919) - ‘Abide with me’, Eventide, choral prelude
- Edward W. Elgar (1857-1934) – Salut d’ Amour, Op. 12
- Bijdrage Teunard uit de Harlinger historie
- Orgelintroductie en samenzang ‘Wilt heden nu treden’
Wilt heden nu treden voor God de Here,
Hem boven al loven van harte zeer,
en maken groot zijns lieven namens ere,
die daar nu onze vijand slaat terneer.
- Dick Sanderman (1956) – Psalm 122 ‘Ik ben verblijd…’ 4-mains
- Kort vredesgebed (Inge en Teunard, bijv. uit Coventry)
- Slotsamenzang: ’k Wil U o God mijn dank betalen
‘k Wil U, o God, mijn dank betalen,
U prijzen in mijn avondlied.
Het zonlicht moge nederdalen,
maar Gij, mijn licht, begeeft mij niet.
Gij woud mij met uw gunst omringen,
meer dan een vader zorgdet Gij,
Gij, milde bron van zegeningen:
zulk een ontfermer waart Gij mij.
Uw trouwe zorg wou mij bewaren,
uw hand heeft mij gevoed, geleid;
Gij waart nabij in mijn bezwaren,
nabij in elke moeilijkheid.
Deze avond roept mij na mijn zorgen
tot rust voor lichaam en voor geest.
Heb dank, reeds van de vroege morgen
zijt Gij mijn heil en hulp geweest.








